“Ik wil me minder laten raken maar tegelijk denk ik dat ik geraakt moet blijven worden om niet af te stompen.”

“Ik voel me verlegen met mijn rol als ‘feestvarken’, een ongerijmd woord in mijn situatie, maar een ‘slachtoffer’ wil ik niet genoemd worden. Zo voel ik mij niet.”

“Ik heb geleerd dat onrustgevoelens vaak wegebben als je ze de tijd geeft. Gelukkig kan ik dat ook.”

“Te veel hoop vind ik lastig en daarom vind ik het prettiger
de hoop te laten sluimeren.”

“Ik besef dat de echte vrijheid in jezelf zit, hoe vast je ook kunt zitten.”

“Ik verwerk nu al veel, dat voel ik wel, maar ik weet ook dat er nog veel onverwerkte pijn/verdriet zit, waar ik niet al te veel bij stil wil staan, omdat alle energie nu nodig is om mijn vrijheid te krijgen.”

“Ik heb een groot verantwoordelijkheidsgevoel, voor mijn eigen leven en voor alles wat ik op me genomen heb.”

“Ik word niet meer boos over het onrecht dat mij is aangedaan. Boos zijn gaat dus over, verliest zijn zin. Wat ervoor in de plaats komt is geen berusting, ook geen aanvaarding of rust, maar verdragen.”

“Ik vertel de dingen met een glimlach om mijn verdriet te maskeren.
Een glimlach om te overleven.”

“Ik ben niet gewend om iets voor mezelf te vragen. In mijn ‘vrije’ leven was ik toch vooral aandachtgever en geen aandachtvrager.”

Over de verhoren: “Ze willen je dwingen mee te werken aan het oplossen van een misdrijf en verzwakken je vervolgens zodanig dat dit onmogelijk wordt. Ze zouden je juist moeten versterken zodat je kunt meewerken.”

“Mijn vertrouwen in mensen ben ik ondanks alles niet verloren.”

“Een leven in de gevangenis is ook een leven.”

Ik wil me minder laten raken maar tegelijk denk ik dat ik geraakt moet blijven worden om niet af te stompen.